Veelgestelde vragen

Ook op deze pagina:

Algemeen
Warmtepomp
Verwarmen & koelen

Algemeen

Om een correcte, goed onderbouwde offerte op te maken, hebben we uiteraard enkele gegevens nodig. Elke dimensionering van een warmtepompsysteem bestaat uit een grondige warmteverliesberekening. Uit deze berekening kunnen we achterhalen hoeveel warmte er gedurende het stookseizoen nodig zal zijn om de woning constant op een globale temperatuur van 20°C te houden en het nodige sanitair warm water te leveren. Dit is de hoeveelheid warmte/energie die de warmtepomp uit de grond moet halen.

Geologische gegevens

Aangezien we overal te maken hebben met een andere lithologie* (elke bodem kent een andere samenstelling), is een grondige kennis van de geologie noodzakelijk. Door onze jarenlange ervaring en honderden geologische studies zijn wij, naast de voor iedereen toegankelijke databank van DOV Vlaanderen, ook in het bezit van onze eigen databank. Aan de hand van deze databank en de beste software kunnen wij berekenen wat de specifieke warmtegeleiding en warmtecapaciteit is van de grond en hoeveel boringen nodig zullen zijn. Bij elk uitgevoerd project wordt er een controle gedaan van de stalen ten opzichte van die waarop de berekeningen werden uitgevoerd. Zo kunnen wij u een levenslange garantie bieden op de bodemwarmtewisselaars.

Wat hebben we nodig?

Wanneer je een offerte wenst van ons, hebben we alvast deze gegevens nodig:

  • Plannen (indien mogelijk in dwg)
  • Isolatiegegevens
  • EPB-verslag
  • Aantal inwoners
  • Sonderingsverslag

Na de nodige studies en berekeningen nemen we zo spoedig mogelijk contact op om een afspraak te maken. Zo kunnen we makkelijk al onze bevindingen uitgebreid toelichten en bespreken. Via onderstaande link kan je alvast alle nodige gegevens doorsturen. Je ontvangt van ons een bevestiging en schatting wanneer we jou de berekening kunnen voorleggen.

Omdat Eco Heating erin slaagt om elk onderdeel van het installatieproces in eigen beheer uit te voeren, zijn we enorm flexibel wat betreft de planning. Zelfs als je maar laat de keuze maakt om een warmtepomp te plaatsen, zijn wij in staat om onze planning zodanig te schikken dat je toch nog met ons kan werken zonder enige vertraging op te lopen in uw bouwproces.

Stap per stap op weg naar jouw warmtepomp

In eerste instantie bekijken we op een werfvergadering de situatie ter plaatse en bespreken we het primaire bodemsysteem en het afgiftesyseem. Het afgiftesysteem wordt uitgetekend en ter plaatse doorgenomen met de klant alvorens te starten met de uitvoering. Het uitvoeren van eventuele grondboringen kan in principe op elk moment tijdens het project gebeuren. In de meeste gevallen zullen de boringen uitgevoerd worden net na het plaatsen van de vloerverwarming. Indien de werf echter moeilijk toegankelijk is na de ruwbouw, spreekt het voor zich dat de grondwerken eerst plaatsvinden. De aanvoerleidingen worden dan in afwachting op rol klaargelegd en na de ruwbouw via de wachtbuis binnengebracht. Na het plaatsen van de vloerverwarming en de primaire kring rest er enkel nog het aansluiten van de warmtepomp, boiler en eventueel het buffervat. Het spreekt voor zich dat we na de installatie alles overlopen en alles volledig naar uw noden wordt afgestemd. In een uitgebreide uitleg leert onze technieker jou de werking van jouw energiezuinig systeem. Achteraf zijn we steeds bereikbaar bij vragen of problemen. Eco Heating staat garant voor een persoonlijke service: zowel voor, tijdens als na de oplevering van het project.

Meer informatie over het installatieproces?

Ontdek meer over iedere stap in het installatieproces van jouw warmtepomp. Of bekijk alvast enkele foto’s die de gebruikelijke installatie van een warmtepomp illustreren. Vragen? Aarzel dan niet om ons te contacteren!

Eco Heating geeft 10 jaar garantie op de compressor van de warmtepomp. Op de overige componenten van de warmtepomp geeft Eco Heating 3 jaar garantie*. De garantie op het berekende vermogen van de bodemwarmtewisselaars bedraagt 25 jaar, zolang de door ons berekende en geplaatste warmtepomp is aangesloten op de bodemwarmtewisselaars. Warmtepompen zijn onderhoudsarm, maar Eco Heating adviseert om het systeem minimaal één keer per twee jaar preventief te laten controleren. De garantietermijn gaat in op het moment van oplevering door Eco Heating. Ondervind je een probleem? Dan vindt Eco Heating zo snel mogelijk de oplossing!

Parket wordt zwevend gelegd. Er kan enkel gewerkt worden met ‘klik-parket’.

Bij gebruik van een tegel als vloerafwerking moet u eerst de primer uit het Vasco gamma aanbrengen (Artikel 11FH55038, o.a. verkrijgbaar bij SAX).

Daarna wordt de tegel met tegellijm op de platen gekleefd. Je moet hiervoor lijm gebruiken die voldoet aan:

  • Klasse C2 TE volgens EN 12004
  • Klasse S2 volgens EN 12002

Voorbeeld: Mapei Ultraflex S2 mono

Vloerbedekking FAQVloerbedekking primer

Warmtepomp

Vlarem rubriek 55.1

Verticale boringen andere dan deze bedoeld in de rubriek 53, 54 en 55.3:

  • tot en met een diepte van het dieptecriterium zoals weergegeven op de kaart hieronder aan dit besluit en buiten een beschermingszone type III: klasse 3
  • dieper dan het dieptecriterium zoals weergegeven op de kaart hieronder aan dit besluit of gelegen binnen een beschermingszone type III en met een diepte van minder dan 500 m t.o.v. het maaiveld klasse 2
    • – Klasse 3 staat voor de meldingsplicht via het omgevingsloket van de Vlaamse overheid.
    • – Klasse 2 staat voor een vergunningsplicht via het omgevingsloket van de Vlaamse overheid.
      Reken op een termijn van ca. 3 maanden voor de vergunning. Bij bestelling helpen wij je graag met het verstrekken van de technische gegevens voor de vergunning.

Is een vergunning vereist? Dat hangt dus af van het dieptecriterium (www.dov.vlaanderen.be/rubriek55)

Relevante info voor de eventuele aanvraag is terug te vinden op de volgende pagina’s.

Voor meer info kan u terecht op dov.vlaanderen.be

Verticale boringen FAQ

Voorwerp van de aanvraag: 

Aanvraag voor een geothermische warmtepomp met boorgat energieopslag.

  • Het elektrisch vermogen van de warmtepomp bedraagt X kW, het thermische vermogen Y kW. 
  • De aanvraag betreft Z boringen van W m elk. (zie bijlages voor inplanting)

rubriek 16.3.1. Vermogen X kW (klasse 3)
rubriek 55.1. 13 boringen met maximale diepte van W m (klasse 2)

(Aanbevolen) Er werd reeds voorafgaandelijk advies gewonnen bij de VMM en de watermaatschappij. Hun antwoord per mail is toegevoegd als bijlage.
Advies watermaatschappij: maximale diepte A m
Advies VMM: maximale diepte B m
De strengste eis van beide (max  C m) wordt gevolgd in deze aanvraag.

Effecten op de bodem en het watersysteem – Overzicht en maatregelen voor beperking

Bij het uitvoeren van de spoelboringen wordt met behulp van een destructieve roterende boorkop de grond losgewoeld. Via een pomp wordt spoelwater door de boorbuis naar beneden gepompt. Door middel van de boorspoeling worden de losgewoelde deeltjes naar boven gebracht in een opvangreservoir. De verschillende fracties worden gescheiden en het water wordt voor hergebruik terug in het boorgat gepompt (geen afvalwater). Wanneer het boorgat klaar is, wordt de bodemwarmtewisselaar ingebracht en wordt het boorgat aangevuld met de uitgeboorde fracties. 

Bij het doorboren van waterscheidende lagen (kleilagen) worden deze scheidingen bij het aanvullen van het boorgat hersteld bv. door middel van Mikolit-ThermoSeal kleikorrels. Deze worden in het boorgat gestort, zwellen op en zorgen voor een kleiprop die de waterscheidende lagen herstelt en aanvult.

Voor de spoelingen wordt in eerste instantie het aanwezige regenwater gebruikt, en als dat niet voldoende is wordt er verder leidingwater gebruikt.

De sonde wordt met stadswater gevuld en in overdruk gebracht (2 tot 3bar). De begindruk wordt genoteerd en wordt gehandhaafd tot minimaal 1u na het inbrengen van de sonde en het eventueel aanvullen en/of grouten van het geboorde of gedrukte gat. De einddruk wordt genoteerd.

De aangebrachte bodemwarmtewisselaars worden met mekaar en dan met een warmtepomp verbonden via een volledig gesloten circuit. Er is hierdoor geen invloed op de waterhuishouding.

Bronnen van emissies naar de bodem en/of het watersysteem

Bodemlussen : De buizen (sondes) van de grondwarmtewisselaar en voor het aansluitwerk zijn vervaardigd in HDPE (High Density PolyEthyleen), voldoen aan de norm NBN EN 12201 en zijn BENOR.

Medium : water en monopropyleenglycol in een verhouding van 70-30%

Verder benodigde informatie:

  • Aantal en diepte boringen voor uw specifiek project
  • Lijst met toestellen die in de inrichting gebruikt zullen worden
  • Schets met de voorziene locatie van de boringen op het inplantingsplan

Na installatie van de warmtepomp en vòòr het vloeren wordt best een programma met een temperatuurprofiel afgelopen om zo de chape uit te zetten. Zo heb je geen risico op scheuren of loskomen van de vloerbekleding. Tijdens het programma van 29 dagen wordt de woning twee keer opgestookt (zie grafiek onderaan).

Als geen tijd is voor het normale programma van 29 dagen, kan de laatste week twee keer doorlopen worden.

Bij sommige soorten vloerbedekking (bv. polybeton) of als de vloerbekleding door omstandigheden al geplaatst werd vòòr de opstart van de warmtepomp, is het niet aan te raden dit opstartprogramma te gebruiken. Dan wordt de vloerverwarming best ingesteld op een vaste temperatuur en dan graad per graad opgedreven.

Het is niet de bedoeling met de warmtepomp de chape uit te drogen om tijd te winnen. Dit belast de sondes onnodig en kan in de winter een nadelige invloed hebben op het rendement. Voor het uitdrogen van de chape gebruik je best een bouwdroger.

Vraag voor de zekerheid steeds aan je vloerder wat zijn voorkeur is.

Een correct geplaatste en goed werkende elektrische warmtepomp is op verschillende manieren beter voor het milieu dan de conventionele gas- en stookolieketels. Zo is er lokaal geen CO2-uitstoot of uitstoot van milieuverontreinigende of giftige stoffen. Daarom heeft een warmtepomp ook geen schouw nodig en geen boven- of onderverluchting in het verwarmingslokaal. Uiteraard heeft een elektrische warmtepomp stroom nodig om warmte te kunnen leveren en dient deze stroom ook ergens geproduceerd te worden. Zelfs als we ervan uit gaan dat de stroom volledig voorzien wordt door een elektriciteitscentrale op gas zal de wartepompgebruiker 3 tot 4 keer minder CO2-uitstoot veroorzaken dan de gasketelgebruiker voor het verwarmen van zijn woning en wel 6 keer minder dan iemand die verwarmt met stookolie.

In het koelcircuit van de warmtepompen die Eco Heating ooit geplaatst heeft, zit R407C of R410A als koudemiddel.

  •  Vaillant flexoTHERM/flexoCOMPACT: R410A, GWP 2088
  •  Vaillant aroTHERM VWL monobloc: R410A
  •  Vaillant geoTHERM VWS 36/4.1: R410A
  •  Neura L/W: R410A
  •  Vaillant geoTHERM (oude modellen en big): R407C, GWP 1774 
  •  Hiseer: R407C

Ter info: het GWP (Global Warming Potential) is een getal dat de invloed weergeeft van een koudemiddel op de aardopwarming als het in de atmosfeer vrijkomt. Het is een relatieve waarde die de impact vergelijkt van 1 kilo koudemiddel ten opzichte van 1 kilo CO2, over een periode van 100 jaar.

De trend voor toekomstige modellen gaat meer naar R32, ca. 1/3 lager GWP dan R410A.

Concreet voor onze installaties is er zeker geen probleem: alle gassen in de installaties die we ooit geplaatst hebben, hebben een GWP <2500.

Hoewel R410A gefluoreerd is, heeft het een GWP van minder dan 2500 en is het dus bij wet niet verboden bij te vullen in het kader van service vanaf 01/01/2020.

Meer info.

Verwarmen-Koelen

Om een flexoTHERM/COMPACT actief te laten koelen, volstaat het om de fiches van de kleppen in de passieve koelblok uit te trekken en een witte fiche met zwart draadje los te koppelen.
Actief koelen wordt echter TEN ZEERSTE afgeraden door Vaillant omdat je zo heel veel warmte in de bodem kan stoppen (waar het bodemsysteem niet op berekend is). In Oostenrijk hebben ze hierdoor blijkbaar al geotechnische problemen (zoals scheuren in de bodem) veroorzaakt.

Het is wettelijk niet toegelaten temperaturen van meer dan 17°C in de bodem af te geven voor de organismen in de ondergrond.

Onze installaties zijn niet voorzien van een automatisch vulstation. De verbinding met de waterleiding wordt indien nodig manueel en tijdelijk gemaakt met een tuinslang. Zo zijn we zeker dat een lek niet onopgemerkt blijft.

De aansluiting voor de manuele verbinding zit op elke collector van de vloerverwarming en ook binnenin de warmtepomp. 

Aangezien de verbinding tijdelijk en manueel gebeurt, moet er hiervoor niets aangegeven worden in het kader van de waterkeuring.

Het enige dat voor de waterkeuring relevant zou mogen zijn, is de veiligheidsgroep die op de boiler voor sanitair warm water geplaatst wordt. Het gebruikte type is goedgekeurd door Belgaqua.

Verder kan de keurder vragen welk koudemiddel in de boringen zit. Dit is een water-glycolmengsel met verhouding 1/3 en moet dus niet aangegeven worden.

Verdere info: Technische fiche SFR/Watts veiligheidsgroep ¾” MF

Veelgestelde vragen

Geen antwoord gevonden op jouw vraag?

Neem contact op